Nissan Qashqai e-POWER 2024 Gebruikershandleiding

9.6. Starten met startkabels

imageimage
  • Door verkeerd starten met startkabels kan de accu exploderen. Een exploderende accu kan ernstig of dodelijk letsel veroorzaken. Ook kunt u zo schade toebrengen aan het voertuig. Volg nauwgezet de instructies in dit hoofdstuk.

  • Er bevindt zich altijd explosief waterstofgas in de nabijheid van de accu. Houd open vuur en vonken dan ook altijd uit de buurt van de accu.

  • Draag altijd een goede veiligheidsbril en verwijder ringen, armbanden en andere sieraden wanneer u aan of bij een accu werkt.

  • Buig nooit over de accu terwijl het voertuig wordt gestart met startkabels.

  • Laat accuvloeistof niet in contact komen met de huid, de ogen, de kleding of het lakwerk van het voertuig. Accuvloeistof is een corrosief zwavelzuur dat ernstige brandwonden kan veroorzaken. Als accuvloeistof ergens mee in aanraking komt, spoel dan onmiddellijk af met veel water.

  • Houd de accu buiten bereik van kinderen.

  • Gebruik altijd een accu van 12 volt als hulpaccu. Door gebruik van een hulpaccu met een onjuiste nominale spanning zal de auto schade oplopen.

  • Probeer een bevroren accu nooit te starten met startkabels. De accu kan dan ontploffen en ernstig letsel veroorzaken.

  1. Controleer of de parkeerrem is ingeschakeld.

    Als dit niet het geval is, moet u na het aansluiten van het voertuig op de hulpaccu (na stap 8) de parkeerrem inschakelen.

    Het voertuig heeft een elektrische parkeerrem, zie voor meer informatie

    .
  2. image

    De twee voertuigen mogen elkaar niet raken.

  3. Druk op de P-standschakelaar om over te schakelen op de P-stand (parkeren).

  4. Zet alle overbodige elektrische systemen uit (koplampen, waarschuwingsknipperlichten, enz.).

  5. Zorg dat de startknop van de te starten auto op UIT staat.

  6. Open de motorkap. Zie voor meer informatie

    .
  7. Gebruik zo nodig een trimgereedschap of ander geschikt gereedschap om de drie borglipjes los te maken en verwijder het deksel van de zekeringkast in de motorruimte van de te starten auto (B) om toegang te krijgen tot de pluspool ⊕ in de zekeringkast.

  8. Open het kapje van de rode pluspool ⊕.

  9. Sluit de startkabels in de volgorde ((1) → (2) → (3) → (4)) aan zoals afgebeeld.

    image
    • Sluit altijd de pluspool ⊕ (1) aan op de pluspool ⊕ (2) en de minpool ⊖ (3) op de carrosseriemassa (4), NIET op de minpool ⊖ van de 12-volt accu, de benzinemotor of de elektromotor.

    • Een verkeerde aansluiting kan schade veroorzaken aan het laadsysteem.

    • Zorg ervoor dat de startkabels niet in contact komen met bewegende onderdelen in de motorruimte.

    • Let op dat er tijdens het aansluiten en loskoppelen geen contact ontstaat tussen de positieve startkabel en de auto of de negatieve startkabel.

  10. Start de motor van het tweede voertuig (A) en laat deze enkele minuten draaien. Houd het motortoerental op ongeveer 2.000 omw/min.

  11. Start het e-POWER-systeem van uw auto (B) op de normale manier.

    image

    Gebruik de startmotor nooit langer dan 10 seconden achter elkaar. Als het e-POWER-systeem niet direct start, zet de startknop dan op UIT en wacht 10 seconden voordat u het weer probeert.

  12. Koppel na het starten van het e-POWER-systeem van uw auto voorzichtig de minpool en vervolgens de pluspool los ((4) → (3) → (2) → (1)).

  13. Sluit het kapje op de rode pluspool ⊕ in de zekeringkast en plaats het deksel weer op de zekeringkast.

  14. Sluit de motorkap.

image
  • Gebruik deze auto niet om een andere auto te starten met startkabels.

  • Zet als het e-POWER-systeem niet gestart kan worden de startknop op UIT met het bestuurdersportier open. Stap uit de auto, sluit het bestuurdersportier en wacht langer dan 3 minuten. Start het e-POWER-systeem dan opnieuw.

  • Als de 12-volt accu leeg is, kan de startknop niet op AAN of UIT gezet worden. Laad de 12-volt accu direct op.

Hoofdonderwerp: