Nissan X-Trail e-POWER 2024 Gebruikershandleiding

8.8.1.2. Schakelen

image
  • A)Stationaire stand (middelste stand)

Om de schakelhendel te verplaatsen,

image:

Druk de knop (1) in om te schakelen.

image:

Schakel zonder de knop (1) in te drukken.

Druk op de P-standschakelaar (2) in om de P-stand (parkeren) te schakelen.

In de D-stand (rijden), schuif de hendel door de schakelsleuf om de B-stand te selecteren.

image
  • Kijk of de auto in de gewenste schakelstand staat door de schakelindicator op de schakelhendel of op het voertuiginformatiedisplay te controleren.

  • Om de auto van de B-stand in de D-stand (rijden) te plaatsen, zet u de schakelhendel nogmaals in de D-stand (rijden).

Nadat u de startknop in de stand KLAAR om te rijden heeft gezet, trapt u het rempedaal volledig in en zet u de schakelhendel in een van de gewenste schakelstanden.

image
  • De auto schakelt automatisch in de P-stand (parkeren) wanneer de startknop in de OFF-stand wordt gezet. Zorg er echter voor dat u de P-standschakelaar indrukt om in de P-stand (parkeren) te schakelen bij het parkeren van het voertuig, omdat deze automatische schakelfunctie naar de P-stand (parkeren) aanvullend is.

  • Wanneer het controlelampje KLAAR om te rijden “image” of “image” niet brandt, kan de schakelstand niet worden veranderd naar de D-stand (rijden), B-stand of R-stand (achteruit), ook niet als de startknop in de ON-stand is gezet.

  • Als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan, kan de schakelstand automatisch worden veranderd in de P-stand (parkeren).

    • Wanneer de veiligheidsgordel van de bestuurder niet is vastgemaakt.

    • Wanneer het bestuurdersportier wordt geopend.

image
  • De schakelhendel staat altijd in de middelste stand wanneer losgelaten. Wanneer de startknop in de stand KLAAR om te rijden wordt gezet, moet de bestuurder controleren of de auto in de P-stand (parkeren) staat. Het controlelampje boven de P naast de schakelhendel brandt en de P wordt op het voertuiginformatiedisplay weergegeven. Als de auto in de D-stand (rijden) of de R-stand (achteruit) staat wanneer de startknop in de stand KLAAR om te rijden wordt gezet, kan dat leiden tot een plotselinge start, wat een ongeval tot gevolg kan hebben.

  • Laat de auto op een schuine weg niet naar achteren rollen terwijl deze in de D-stand (rijden) of B-stand staat, en laat de auto niet vooruit rollen wanneer deze in de R-stand (achteruit) staat. Dit kan tot een ongeval leiden.

  • Zet de schakelhendel niet in de N-stand (vrij) tijdens het rijden. De recuperatierem wordt niet gebruikt, wat een ongeluk ten gevolg kan hebben.

  • Trap als de recuperatierem niet voldoende werkt op het rempedaal om snelheid te minderen.

  • Trap om de stoppen of parkeren op een helling op het rempedaal en breng de auto tot stilstand. Als u de auto op zijn plaats houdt op een helling door alleen het gaspedaal in te trappen en het rempedaal niet intrapt, dan kan de elektrische motor voor rijden oververhit raken. Wanneer u de auto tot stilstand brengt, laat het gaspedaal los en trap het rempedaal in.

image
  • Verplaats de schakelhendel niet terwijl u de P-standschakelaar indrukt. Hierdoor kan de elektrische motor beschadigd raken.

  • Wanneer u naar de gewenste stand schakelt met de schakelhendel, controleer dan of de schakelhendel terugkeert naar de middelste stand door uw hand van de hendel te halen. Ook door de schakelhendel halverwege vast te blijven houden, kan het schakelsysteem beschadigd raken.

  • Bedien de schakelhendel niet terwijl het gaspedaal wordt ingetrapt, behalve om naar de B-stand te schakelen. Hierdoor kan de auto plotseling wegrijden, hetgeen een ongeval tot gevolg kan hebben.

  • De volgende handelingen zijn niet toegestaan, omdat er overmatige kracht zou worden uitgeoefend op de elektromotor voor de aandrijving, waardoor de auto beschadigd zou kunnen raken:

    • De schakelhendel in de R-stand (achteruit) zetten wanneer u vooruit rijdt

    • De schakelhendel in de D-stand (rijden) of B-stand zetten wanneer u achteruit rijdt

    Als u deze handelingen tracht uit te voeren, zal er een geluidssignaal klinken en schakelt de auto naar de N-stand (vrij).

image
  • Laat de auto op een stijgende helling niet opzettelijk achteruit bewegen met de schakelhendel in de D-stand (rijden) of B-stand of vooruit bewegen met de schakelhendel in de R-stand (achteruit) op een dalende helling.

  • Als de lithium-ion (Li-ion) accu helemaal opgeladen is, wordt geregenereerde stroom verbruikt door de motor gestart met de stroomgenerator. In dit geval kan het motorgeluid harder klinken, wat niet duidt op een storing. Er wordt dan geen brandstof verbruikt.

  • Wanneer de P-standschakelaar wordt ingedrukt tijdens het rijden, wordt de handeling geannuleerd. (De zoemer klinkt en de auto blijft in de schakelstand die daarvoor was geselecteerd.)

  • Als het gaspedaal wordt ingetrapt wanneer de auto gestopt is en de schakelhendel in de N-stand (vrij) is gezet, zal het controlelampje voor beperkt vermogen image gaat branden. (Zie

    .)

P (parkeren)

image

Gebruik deze schakelstand wanneer de auto geparkeerd staat of wanneer u de auto in de stand KLAAR om te rijden zet. Zorg dat de auto helemaal stil staat voordat u de P-stand (parkeren) selecteert. Om naar de P-stand (parkeren) te schakelen, drukt u de P-standschakelaar in zoals getoond in de afbeelding, zodra de auto volledig tot stilstand is gekomen. Als de P-standschakelaar wordt ingedrukt terwijl de auto in beweging is, zal er een geluidssignaal klinken en blijft de huidige schakelstand gehandhaafd. Activeer de parkeerrem na de auto in de P-stand (parkeren) te hebben geschakeld. Wanneer u op een helling parkeert, activeert u eerst de parkeerrem terwijl u het rempedaal ingetrapt houdt, vervolgens drukt u op de P-standschakelaar en zet u de auto in de P-stand (parkeren). Voor de werking van de parkeerrem, zie

.
image
  • Wanneer de auto stilstaat en in een andere stand dan P (parkeren) staat wanneer de startknop in de OFF-stand wordt gezet, dan zal de auto automatisch naar de P-stand (parkeren) schakelen.

  • Als de P-standschakelaar wordt ingedrukt terwijl de schakelhendel wordt verschoven, zal de schakelstand niet veranderen in de P-stand (parkeren). Laat de schakelhendel eerst terugkeren naar de middelste stand voordat u op de P-standschakelaar drukt.

R (achteruit)

Gebruik deze stand voor achteruitrijden. Zorg ervoor dat de auto volledig stilstaat voordat u in de R-stand (achteruit) schakelt. Het rempedaal moet ingetrapt worden en de knop op de schakelhendel moet ingedrukt worden om de schakelhendel van de ruststand in R (achteruit) te kunnen schakelen. Als de auto in de R-stand (achteruit) wordt gezet tijdens het vooruit rijden, zal een geluidssignaal klinken en zal de auto in de N-stand (vrij) schakelen.

N (vrij)

Noch een vooruitversnelling, noch de achteruitversnelling is ingeschakeld. De auto kan in deze stand in de stand KLAAR om te rijden worden gezet.

Schakel niet naar de N-stand (vrij) tijdens het rijden. Het recuperatieve remsysteem werkt niet in de N-stand (vrij). De remmen van de auto zullen echter wel de auto stoppen.

Naar de N-stand (vrij) schakelen:

  • Schuif wanneer de auto in de P-stand (parkeren) staat de schakelhendel één stand naar voren of achteren terwijl u het rempedaal ingetrapt houdt en houd de schakelhendel langer dan 1 seconde vast in die stand.

  • Schuif wanneer de auto in de D-stand (rijden) staat de schakelhendel één stand naar voren terwijl u het rempedaal ingetrapt houdt en houd de schakelhendel langer dan 1 seconde vast in die stand.

  • Schuif wanneer de auto in de R-stand (achteruit) staat de schakelhendel één stand naar achteren terwijl u het rempedaal ingetrapt houdt en houd de schakelhendel langer dan 1 seconde vast in die stand.

D (rijden)

Gebruik deze stand voor normaal vooruit rijden. Als de auto in de D-stand (rijden) wordt gezet tijdens het achteruitrijden, zal een geluidssignaal klinken en zal de auto naar de N-stand (vrij) schakelen.

B

Gebruik de B-stand voor bergafwaarts rijden. Wanneer de B-stand wordt gebruikt, wordt het recuperatief remmen meer toegepast na het loslaten van het gaspedaal dan in de D-stand (rijden).

Recuperatierem

  • De recuperatieve rem wordt effectiever wanneer de auto in de B-stand staat. Als de auto te snel rijdt, trap dan het rempedaal overeenkomstig in.

  • De remmende werking van de recuperatierem is wellicht minder effectief op glad wegdek, als de lithium-ion accu helemaal is opgeladen, of als de temperatuur van de lithium-ion accu laag is.

Hoofdonderwerp: