Nissan LEAF 2023 Gebruikershandleiding
5.6.2. Aanvullende airbagsystemen

- Botsingsensor
- Voorairbagmodules
- In de voorstoelen gemonteerde zijairbagmodules
- Opblaasmechanismen van in het dak gemonteerde gordijnairbags
- In het dak gemonteerde gordijnairbagmodules
- Druksensor voor het portier
- Heupgordelspanner (bestuurderszijde)
- Veiligheidsgordels met gordelspanners
- Satellietsensoren
- Airbagregeleenheid (ACU)

Leg geen voorwerpen op het stuurwiel. Plaats geen voorwerpen tussen de bestuurder en het stuurwiel. Zulke voorwerpen kunnen bij een botsing gevaarlijke projectielen worden en letsel toebrengen als een airbag wordt opgeblazen.
Direct na het opblazen van de airbags zullen sommige onderdelen van het airbagsysteem erg heet zijn. Raak ze niet aan, om brandwonden te voorkomen.
Aan onderdelen of bedrading van de airbagsystemen mogen geen wijzigingen worden aangebracht zonder toestemming. Dit om te voorkomen dat airbags onbedoeld worden opgeblazen of worden beschadigd.
Breng geen ongeautoriseerde wijzigingen aan in het elektrische systeem, de vering of de voorzijde van de auto. U kunt zo de deugdelijke werking van de airbagsystemen nadelig beïnvloeden.
Onoordeelkundig ingrijpen aan de airbagsystemen kan ernstige lichamelijke verwondingen tot gevolg hebben. Onoordeelkundig ingrijpen staat voor verandering aanbrengen aan het stuurwiel door materialen over en boven het stuurwiel aan te brengen, en door extra bekleding aan te brengen rond de airbagsystemen.
Werk aan en in de buurt van de airbagsystemen moet uitgevoerd worden door een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer. De bedrading van het airbagsysteem mag niet worden gewijzigd of losgekoppeld. Ongeoorloofde elektrische test- en meetapparatuur en sondes mogen niet gebruikt worden op de airbagsystemen.
Om herkenning te vergemakkelijken zijn de stekkers in de bedrading van het SRS-systeem voorzien van gele en/of oranje isolatie.
Wanneer de airbag wordt opgeblazen, hoort u een tamelijk hard geluid dat wordt gevolgd door enige rookontwikkeling. Deze rook is onschadelijk en vormt geen indicatie voor brand. Zorg er echter voor deze rook niet in te ademen, omdat irritatie en verstikking het gevolg kunnen zijn. Personen met ademhalingsstoornissen moeten onmiddellijk frisse lucht inademen.
Wanneer een impact wordt gedetecteerd die de airbags zou kunnen activeren, worden de waarschuwingsknipperlichten automatisch ingeschakeld. Zie
voor meer informatie.