Nissan LEAF 2023 Gebruikershandleiding
6.4.2.9.
TPMS-controlelampje
Wanneer de startknop in de AAN stand staat, gaat het TPMS-controlelampje branden en dooft vervolgens. Dit geeft aan dat het waarschuwingssysteem voor lage bandenspanning operationeel is.
Dit lampje gaat branden of knippert in geval van lage bandenspanning of, als er een storing is in het bandenspanningssysteem, knippert gedurende 1 minuut om vervolgens aan te blijven.
Het bandenspanningscontrolesysteem (TPMS) controleert de bandenspanning van alle banden behalve van de reserveband (indien aanwezig).

Bezoek in geval van een storing in het TPMS-systeem zo snel mogelijk een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer.
Als het TPMS-controlelampje gaat branden tijdens het rijden:
vermijd plotselinge stuurmanoeuvres
vermijd plotseling remmen
matig uw snelheid
ga naar de kant van de weg op een veilige plek
stop de auto zo snel mogelijk
Rijden met banden met een te lage bandenspanning kan de banden permanent beschadigen en de kans op bandbreuk vergroten. In dit geval kan de auto ernstige schade oplopen wat tot een ongeval en mogelijk ernstig lichamelijk letsel kan leiden.
Controleer de bandenspanning van alle vier de banden. Regel de bandenspanning volgens de aanbevolen waarden in KOUDE toestand zoals aangegeven op de bandenspanningssticker, zodat het TPMS-controlelampje uit gaat. Een lekke band moet zo snel mogelijk worden vervangen door een reserveband (indien aanwezig). (Zie
voor het vervangen van een lekke band.)Wanneer er een reserveband wordt gemonteerd of een wiel wordt vervangen, werkt het TPMS-systeem niet en gaat het TPMS-controlelampje gedurende ongeveer 1 minuut knipperen. Het lampje blijft na één minuut branden. Neem zo snel mogelijk contact op met een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer, om het TPMS-systeem te laten controleren.
Als banden worden vervangen door banden die niet door NISSAN zijn voorgeschreven, kan dit een nadelig effect hebben op de juiste werking van het TPMS-systeem.
Voor het tijdelijk repareren van een band kan het originele NISSAN-afdichtmiddel voor bandenreparaties of een gelijkwaardig product worden gebruikt. Spuit geen andere bandenvloeistof of bandenafdichtmiddel in spuitbus in de banden, omdat dit een storing kan veroorzaken in de bandenspanningsensoren. Neem na het gebruik van het afdichtmiddel voor bandenreparaties zo snel mogelijk contact op met een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer.
NISSAN raadt aan alleen het originele NISSAN-afdichtmiddel voor bandenreparaties te gebruiken dat wordt meegeleverd met uw auto. Andere afdichtmiddelen kunnen de afdichtring van de ventielstift beschadigen, waardoor de band luchtdruk kan verliezen. Bezoek zo snel mogelijk na het afdichtmiddel voor bandenreparaties gebruikt te hebben een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer (voor modellen uitgerust met bandenreparatieset).

Wanneer u met een lekke band met het voertuig rijdt, kan de TPMS-sensor van die band beschadigd raken.
Het TPMS-systeem werkt mogelijk niet goed wanneer de wielen zijn uitgerust met sneeuwkettingen of als de wielen bedolven zijn onder sneeuw.
Breng geen gemetalliseerde folie of andere metalen onderdelen (antenne, enz.) aan op de ruiten. Dit kan een slechte ontvangst veroorzaken van de signalen van de bandenspanningssensoren, waardoor het TPMS-systeem niet goed zal werken.
Sommige apparaten en zenders kunnen mogelijk tijdelijk de werking van het TPMS-systeem verstoren en het oplichten van het TPMS-controlelampje veroorzaken. Enkele voorbeelden zijn:
Faciliteiten of elektrische apparaten vlakbij de auto die gelijksoortige radiofrequenties gebruiken.
Als er een zender die is ingesteld op gelijksoortige frequenties vlakbij of in de auto wordt gebruikt.
Als er een computer (of soortgelijk apparaat) of DC/AC-transformator vlakbij of in de auto wordt gebruikt.
Wanneer u de banden oppompt en de bandenspanning controleert, buig de ventielen dan niet.
Gebruik originele NISSAN-ventieldoppen die voldoen aan de specificaties van de in de fabriek gemonteerde ventieldoppen.
Gebruik geen metalen ventieldoppen.
Monteer de ventieldoppen op de juiste wijze. Zonder de ventieldoppen kunnen de ventielen en bandenspanningssensoren wellicht beschadigd raken.
Beschadig de ventielen en sensoren niet bij het opbergen van de wielen of het monteren van andere banden.
Vervang het TPMS-sensorventiel (inclusief ventielkern en -dop) en de schroef (indien aanwezig) wanneer de banden worden vervangen vanwege slijtage of ouderdom. De schroef (indien aanwezig) moet correct aangebracht worden met een aanhaalmoment van 1,4 ± 0,1 N.m. De sensoren van het TPMS-systeem kunnen wel opnieuw gebruikt worden.
Waarschuwing Lage bandenspanning
Als er met een lage bandenspanning met de auto wordt gereden gaat het waarschuwingslampje branden.
Wanneer het TPMS-controlelampje gaat branden, moet u de auto stoppen en de bandenspanning aanpassen aan de waarden in KOUDE toestand, zoals aangegeven op de bandenspanningssticker. Het TPMS-controlelampje gaat niet automatisch uit nadat de bandenspanning is aangepast. Na het resetten van het TPMS-systeem of wanneer de juiste bandenspanning wordt vastgesteld, moet de auto met een snelheid boven de 25 km/h (16 MPH) worden gereden om het TPMS-systeem te resetten en het TPMS-controlelampje te doven. Gebruik een bandenspanningsmeter om de bandenspanning te controleren.
Zie voor meer informatie
.Wanneer de wielen niet zijn uitgerust met de originele NISSAN-bandenspanningssensoren of in geval van storing in het TPMS-systeem
Als het TPMS-systeem niet goed werkt, gaat het TPMS-controlelampje gedurende ongeveer 1 minuut knipperen wanneer de startknop in de. AAN stand wordt gezet. Het lampje blijft na 1 minuut branden. Zorg ervoor dat de juiste originele bandenspanningssensoren van NISSAN of een gelijkwaardig product op de wielen wordt gemonteerd. Laat wanneer het lampje blijft branden het systeem controleren door een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer.
TPMS-controlelampje(s) | Mogelijke oorzaak | Aanbevolen maatregel |
| Lage bandenspanning Opmerking: Normaal gesproken neemt de bandenspanning vanzelf af. |
|
| Bij een of meerdere wielen wordt de originele NISSAN TPMS-sensor niet herkend. | Controleer de TPMS-sensoren. |
Radiocommunicatiestoringen tussen de TPMS-wielsensor en de TPMS-ontvanger als gevolg van externe factoren. | Rijd weg van het storingsgebied. | |
Storingen in onderdelen van het TPMS-systeem | Neem als het probleem aanhoudt contact op met een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer. | |
Zie voor meer informatie
.

