Nissan LEAF 2023 Gebruikershandleiding
9.26.3.2. Rijden in winterweer

Rijd onder alle omstandigheden altijd voorzichtig. Wees voorzichtig bij het optrekken en gas minderen. Als u te snel gas geeft of gas mindert, gaan de aandrijfwielen slippen, waardoor de auto nog minder grip op de weg heeft.
Vergeet niet dat uw remweg bij lage temperaturen langer is. U zult eerder moeten remmen dan op een droog wegdek.
Bewaar op gladde wegen dus meer afstand tot uw voorligger.
Nat ijs (0°C, (32°F) en ijzel), erg koude sneeuw en ijs zijn meestal erg glad en moeilijk berijdbaar. Uw auto heeft dan veel minder grip. Rijden op ijzel is niet aan te bevelen; wacht liever tot er zand of strooizout is gestrooid.
Pas op voor gladde plekken (ijslaag op de weg). Door schaduwwerking kunnen op goed berijdbare wegen soms onverwacht dergelijke plekken voorkomen. Merkt u een dergelijke ijslaag in de verte op, rem dan af voordat u eroverheen rijdt. Ga niet remmen als u eenmaal op ijs rijdt en vermijd op dat moment ook plotselinge stuurmanoeuvres.
Gebruik de cruise control niet op gladde wegen.

Om schade aan de lithium-ion accu te voorkomen:
Stal de auto niet bij temperaturen onder de -25 °C (-13 °F) gedurende langer dan zeven dagen.
Als de buitentemperatuur -25 °C (-13 °F) of lager is, bestaat de kans dat de lithium-ion accu bevriest en niet opgeladen kan worden of energie kan leveren om de auto aan te drijven. Zet de auto op een warme plaats.

Sluit de oplader aan op de auto en zet de startknop in de OFF-stand wanneer u de auto parkeert bij temperaturen onder de -17 °C (-1 °F). Op deze manier wordt de lithium-ion accuverwarming (indien aanwezig) van stroom voorzien om te kunnen werken zonder dat de lithium-ion accu ontladen wordt. (voor modellen met 40 kWh-accu)
Sluit de oplader aan op de auto en zet de startknop op OFF wanneer u de auto parkeert bij temperaturen die kunnen dalen onder de -20°C (-4°F). Op basis van de hoeveelheid resterende lithium-ion acculading gebruikt de lithium-ion accuverwarming automatisch de stroom van de externe bron of van de lithium-ion accu. (voor modellen met 62 kWh-accu)
De actieradius van de auto daalt wanneer de lithium-ion accuverwarming (indien aanwezig) werkt (lithium-ion accutemperatuur ongeveer -17 °C (-1 °F) of lager) terwijl de auto rijdt. U zult de lithium-ion accu dan wellicht eerder moeten opladen dan bij warmere temperaturen.
Het duurt langer om de lithium-ion accu op te laden als de lithium-ion accuverwarming (indien aanwezig) in werking is.
De geschatte oplaadtijd die wordt getoond op het dashboard en het navigatiesysteem gaat omhoog wanneer de Lithium-ion accuverwarming (indien aanwezig) in werking is.
Bij zeer koude weersomstandigheden kan de actieradius van de auto aanzienlijk verminderen (bijvoorbeeld bij temperaturen onder -17 °C (-1 °F)).
Door de klimaatregeling te gebruiken voor het verwarmen van het interieur wanneer de buitentemperatuur beneden de 0 °C (32 °F) ligt, wordt er meer elektriciteit verbruikt en wordt de actieradius meer beïnvloed dan wanneer de verwarming wordt gebruikt bij temperaturen boven de 0 °C (32 °F).
De prestaties van de klimaatregeling worden verminderd wanneer de klimaatregelingtimer of de op afstand bedienbare klimaatregeling wordt gebruikt terwijl de lithium-ion accuverwarming (indien aanwezig) in werking is. (voor modellen met 40 kWh-accu)
De Klimaatregelingtimer of klimaatregeling op afstand (modellen met navigatiesysteem) gaat niet aan wanneer de lithium-ion accuverwarming in werking is. Dit duidt niet op een storing. (voor modellen met 62 kWh-accu)
De lithium-ion accu laadt wellicht niet op tot het verwachte niveau via de oplaadtimer wanneer [Beginuur] en [Einduur] worden ingesteld terwijl de lithium-ion accuverwarming (indien aanwezig) in werking is.
Stel wanneer u bij lage temperaturen gaat opladen alleen een [Eindtijd] in via de oplaadtimer. De auto bepaalt automatisch wanneer het opladen moet beginnen om de lithium-ion accu volledig op te laden, of de lithium-ion accuverwarming (indien aanwezig) nu in werking is of niet.