Nissan LEAF 2023 Gebruikershandleiding

8.4.5.1. Klimaatregeling

image
  • De koelfunctie van de airconditioning werkt alleen wanneer het controlelampje KLAAR om te rijden aanstaat.

  • Laat kinderen of hulpbehoevende volwassenen niet onbewaakt in uw voertuig achter. Laat ook geen huisdieren onbewaakt achter. Bij warm en zonnig weer kan de temperatuur in een afgesloten voertuig al snel zo hoog oplopen dat mensen of huisdieren ernstig of zelfs dodelijk letsel kunnen oplopen.

  • Gebruik de recirculatiemodus niet gedurende langere tijd. De lucht in het interieur kan dan muf worden en de ramen kunnen beslaan.

De klimaatregeling (airconditioning en verwarming) kan gebruikt worden wanneer het lampje KLAAR om te rijden brandt. Echter, tijdens het opladen kan de klimaatregeling gebruikt worden wanneer de startknop op ON staat.

De aanjager, verwarming en airconditioning kunnen handmatig aangezet worden, door middel van de timer, of met de afstandsbediening voor klimaatregeling.

Deze functies werken in de volgende gevallen:

Startknopstand

LOCK/UIT

ACC

AAN

KLAAR om te rijden

Aanjager

Beschikbaar

Beschikbaar

Verwarming en airconditioning

Beschikbaar*1

Beschikbaar

Timer (klimaatregeling timer)

Beschikbaar

Beschikbaar

Bediening op afstand *2

Beschikbaar

Beschikbaar

  • Het klimaatregelingsysteem zal alleen starten als er opgeladen wordt. Nadat het opladen voltooid is, zal het blijven werken als de laadapparatuur is aangesloten.
  • Modellen met NissanConnect-systeem.
image
  • Onmiddellijk na het in- of uitschakelen van de klimaatregeling kunt u een reeks werkingsgeluiden horen. Dit duidt niet op een storing.

  • De compressor en de koelventilator treden mogelijk plotseling in werking tijdens het opladen. Dit duidt niet op een storing.

  • Bij ingeschakelde airconditioning vindt condensvorming plaats in het systeem en het daaruit voortvloeiende condenswater wordt veilig afgevoerd onder het voertuig. Het is dus normaal als u plasjes water terugvindt onder het voertuig. Tijdens de werking van de klimaatregeling kunt u water zien druppelen onder de auto.

  • Luchtjes van binnen en buiten het voertuig kunnen zich ophopen in het airconditioningsysteem. Deze luchtjes kunnen vervolgens het interieur binnendringen via de ventilatieroosters.

  • Gebruik tijdens het parkeren de bedieningen van verwarming en airconditioning om de luchtrecirculatiemodus uit te zetten zodat er frisse lucht het interieur binnenstroomt. Op deze manier vermindert u eventuele luchtjes in het voertuig.

  • Als het controlelampje KLAAR om te rijden brandt en de laadapparatuur is aangesloten op de auto, zal de startknop overschakelen op ON en zal de klimaatregeling de luchtcirculatiemodus veranderen. Als u de klimaatregeling weer wilt gebruiken, zet u de startknop op OFF en dan weer op ON nadat u heeft gecontroleerd of de auto is begonnen met opladen.

  • Wanneer de startknop op ON staat en de stroomtoevoer van de laadapparatuur onderbroken wordt door een stroomstoring, enz, zal het systeem op de volgende manieren werken:

    • Als dit gebeurt terwijl er wordt opgeladen:

      Als de stroomtoevoer hersteld wordt binnen ongeveer 5 minuten zal de klimaatregeling opnieuw starten. Echter, als er meer dan 5 minuten zijn verstreken, zal de klimaatregeling niet opnieuw starten.

    • Als dit gebeurt nadat opladen voltooid is:

      Zal de klimaatregeling uitschakelen.

Hoofdonderwerp: