Nissan LEAF 2023 Gebruikershandleiding
9.17.6.6. Beperkingen van de stuurhulp

In de volgende situaties detecteert de camera de rijstrookmarkeringen mogelijk niet correct, of detecteert ze op onjuiste wijze en werkt de stuurhulp mogelijk niet goed:
Wanneer u rijdt op wegen met meerdere parallelle wegmarkeringen, wegmarkeringen die vervaagd of niet duidelijk geverfd zijn; geel geverfde wegmarkeringen; afwijkende wegmarkeringen; of wegmarkeringen die bedekt zijn met water, vuil, sneeuw, enz.
Wanneer u op wegen rijdt waarvan de rijstrookmarkeringen onderbroken zijn
Wanneer u op wegen rijdt waarvan de rijstrook breder of smaller wordt.
Wanneer u op wegen met meerdere rijstroken rijdt, of op wegen met onduidelijke rijstroken wegens wegwerkzaamheden
Wanneer u op wegen rijdt met scherp contrasterende objecten, zoals schaduwen, sneeuw, water, wielsporen, naden of lijnen die zijn achtergebleven na wegwerkzaamheden (de stuurhulp kan deze elementen detecteren als rijstrookmarkeringen).
Wanneer u op wegen rijdt waar rijstroken samengevoegd of gesplitst worden.
Gebruik de stuurhulp niet onder de volgende omstandigheden, omdat het systeem de rijstrookmarkeringen wellicht niet goed kan detecteren. U kunt anders de controle over de auto verliezen en een ongeval veroorzaken.
Tijdens slecht weer (regen, mist, sneeuw, stof, enz.)
Wanneer regen, sneeuw, zand, enz., wordt opgeworpen door de wielen van andere voertuigen
Wanneer vuil, olie, ijs, sneeuw, water, of andere zaken aan de camera-eenheid hechten
Wanneer de lens van de camera-eenheid wazig is
Wanneer sterk licht (bijvoorbeeld, zonlicht of het grootlicht van tegemoetkomend verkeer) op de camera schijnt
Wanneer de koplampen niet helder zijn door vuil op de lens, of wanneer de koplampen uitgeschakeld zijn in tunnels of als het donker is
Wanneer zich plotseling een verandering in lichtsterkte voordoet (bijvoorbeeld, wanneer de auto een tunnel in- of uitrijdt, of onder een brug doorrijdt)
Wanneer u rijdt op wegen waar de rijstroken samengevoegd of gesplitst worden, of op wegen met tijdelijke rijstrookmarkeringen wegens wegwerkzaamheden
Wanneer een rijstrook afgesloten is wegens wegwerkzaamheden
Wanneer u rijdt op een hobbelig wegdek, zoals een oneffen zandweg
Wanneer u rijdt op wegen met scherpe bochten of op kronkelige wegen
Wanneer u rijdt op alsmaar dalende en stijgende wegen
Gebruik de stuurhulp niet onder de volgende omstandigheden, omdat het systeem niet goed zal werken:
Wanneer u met een band rijdt die niet aan de normale voorwaarden voldoet (bijvoorbeeld te versleten, abnormale bandenspanning, reservewiel geïnstalleerd, sneeuwkettingen aangebracht, niet-standaard wielen)
Wanneer de auto is uitgerust met niet-originele rem- of ophangingsonderdelen
Wanneer een voorwerp zoals een sticker of bagage de camera belemmert
Wanneer de achterbank of bagageruimte van uw auto is volgeladen met zeer zware bagage
Wanneer het draagvermogen van de auto wordt overschreden
Overmatig lawaai kan het geluid van het waarschuwingssignaal overstemmen, waardoor de pieptoon mogelijk niet gehoord wordt.
Opdat het ProPILOT Assist-systeem naar behoren kan werken, moet de voorruit voor de camera schoon zijn. Vervang versleten wisserbladen. U moet wisserbladen met de juiste afmetingen gebruiken, om er zeker van te zijn dat de voorruit schoon blijft. Gebruik alleen originele NISSAN-wisserbladen, of een kwalitatief gelijkwaardig product, speciaal ontworpen om te worden gebruikt met uw voertuigmodel en modeljaar. Het verdient aanbeveling om in dit geval langs te gaan bij een goed geïnformeerde LEAF-reparateur, zoals een erkende NISSAN EV-dealer, voor de juiste onderdelen voor uw auto.